Selecteer een pagina

Ik wist dat je er was, nog voor er een test mogelijk was. Ineens voelde ik me anders; rustig, ontspannen, een warmte in mij. Ik wist het zeker! Na ruim een jaar van elke maand teleurstelling, was jij ineens daar. Je energie was heel aanwezig, al was je een rustig kindje.

Dolblij. Opgewonden. O zo nieuwsgierig. Hoe zou je eruit zien? Wie zou jij zijn? Zou je karakter lijken op mama? Of zou je meer zoals je papa zijn? Zou je zo rustig zijn als je was in mijn buik? Of juist beweeglijk en actief?

Helaas hebben we je niet op die manier leren kennen. Na 38 weken stopte je hartje ermee. Je lieve, bolle gezichtje hebben we gezien, je stille lijfje in onze armen gewiegd. Duizenden kusjes gegeven. Maar veel meer dan wat we deelden in mijn buik zijn we niet over je te weten gekomen. Het blijft onbekend. 

En toch… ken ik je.

Weet ik je bij mij. Elke dag.

Geef je me ongekende kracht. Liefde.

Voel ik dat je er bent. 

In energie. 

In liefde. 

In aanwezigheid.

Onzichtbaar

Een baby die sterft in de moederschoot. Onzichtbaar. Wat is de zin van zo’n leven? Brengt het enkel verdriet?

Voor de buitenwereld is dit lastig. Dit leven heeft geen gezicht gekregen. Ze heeft het kindje niet leren kennen. Niet zien bewegen, niet horen huilen of kunnen knuffelen. Het ziet enkel ons verdriet en het gemis. Denkt dat ze er misschien beter niet had kunnen zijn. 

Is dat waar?

Onder mijn hart heeft jouw hartje geklopt. 

In mijn buik heb ik jouw schopjes gevoeld. 

Onvoorwaardelijke liefde, over en weer.

Als ik had moeten kiezen tussen je niet krijgen en dit te korte leven, dan koos ik opnieuw voor dit. Ik had je niet willen missen. Ik zou niet de persoon zijn, die ik nu ben, als jij er niet was geweest.